Header image  
Buigen voor B.  
 
  home

Seconden en seconden
Langzaam beweegt ze haar hoofd naar de vloer. Tot haar voorhoofd de koude planken raakt. Haar handen in de nek gevouwen. In gedachten telt ze de seconden mee die de pendule in een traag maar gestaag ritme tikt. Als ze bij 350 is verliest ze de tel. Ze gaat nu volledig op in haar positie. Ze voelt hoe het bloed in haar hoofd klopt, hoe het suist in haar oren. Is hij er wel? Is ze alleen?

Vanaf het moment dat ze de sleutel in het slot van zijn appartement had gestoken twijfelde ze weer. Was hij al thuis? Zou hij later komen? De opdracht die ze vanmorgen in haar mailbox had gevonden was duidelijk, maar tegelijk ook vaag genoeg om haar de hele dag te doen twijfelen. Toen ze om zeven uur in de auto naar hem toe reed en voor de zoveelste keer de zinnen van zijn opdracht de revue liet passeren, wist ze het zeker. Hij zou al thuis zijn en in zijn bruinleren Chesterfield zetel op haar binnenkomst wachten.

Maar nu, geknield op het Perzische kleed, met haar hoofd op de plankenvloer, twijfelde ze sterker dan tevoren. Het was akelig stil. Alleen de pendule tikte, seconden en seconden. Zou ze het wagen? Even kijken of de zetel leeg was? Nee, als hij dat zou zien ... Ze durfde niet eens aan de consequenties te denken. Een keer eerder had hij haar gestraft voor een dergelijke ongehoorzaamheid. Nog dagen daarna had ze zijn hand op haar billen gevoeld. Tot 100 had ze zijn vlijmscherpe slagen moeten meetellen. Voor het eerst ook had ze in zijn bijzijn moeten huilen van de pijn. Dat nooit meer. Gehoorzaamheid, zelfs als hij er niet bij was.

Nadat ze zich in de hal had uitgekleed, was ze naakt en met gesloten ogen naar de salon gekropen. Ze kende de weg van buiten. Hoe vaak had hij haar niet dit parcours laten afleggen? Soms met de halsband en aan de ketting; soms snel, voortgedreven door zijn rijzweep. Op het rode Perzische kleed mocht ze stoppen, de gebruikshouding aannemen, het hoofd net daarbuiten op de harde vloer. En dan wachten. Als hij er was dan zouden zijn voeten op niet meer dan twintig centimeter van haar hoofd zijn. Maar ze hoorde niets. Stilte. Tikken. Seconden en seconden.

Plotseling ratelde het in de pendule, de raderen draaiden en grepen in elkaar. Het uurwerk doorbrak de stilte. Ze telde de uren mee; zeven keer sloeg de klok de hele uren, daarna nog het halve: half acht. Ze was precies op tijd.

Toen het geluid van het halve uur was weggestorven hoorde ze plotseling het leer van de zetel kraken. Hij was er. Ze wachtte ... en ja. Het geluid van zijn schoen die langzaam over de plankenvloer naar haar toe werd geschoven. Toen de punt haar voorhoofd raakte, trok een rilling door haar lijf. De situatie was zo vertrouwd, maar telkens toch zo spannend en vernederend. Met zijn schoenpunt duwde hij haar hoofd omhoog, achterover, tot in haar nek. Daarna plaatste hij zijn voet weer op de grond. Ze wist wat er van haar werd verwacht.

Voorzichtig boog ze haar hoofd terug naar voren en kuste het gladde leer van zijn schoen. Ze was van hem en zou altijd zijn schoenen kussen en likken ... en dat niet alleen. De klok tikte voort. Het spel was nog maar net begonnen en de klok zou nog vele uren slaan.

volgende of terug naar Verhalen